Het is dinsdagavond in de raadszaal van Eindhoven. Het zachte
gezoem van de airconditioning wordt overstemd door het geritsel
van papier en het gedempte gepraat van raadsleden. Maar wanneer
Dré Rennenberg de ruimte betreedt, lijkt de tijd even een fractie
langzamer te lopen. Niet omdat hij traag is – verre van – maar
omdat hij de kennis van een halve eeuw politieke ervaring met
zich meedraagt.
Dré is niet zomaar een raadslid; hij is het levende geheugen van de
stad. Terwijl jonge dertigers nerveus hun iPad-schermen openen
voor de juiste statistieken, bladert Dré door een dossier dat hij
bijna uit zijn hoofd lijkt te kennen. Hij heeft burgemeesters zien
komen en gaan zoals anderen de seizoenen zien wisselen.
Hij is de stem van de stad en wanneer hij de microfoon opent, valt
de zaal stil. Zijn stem is niet luid, maar heeft de autoriteit van
iemand die de stad nog heeft gekend toen de Philips-fabrieken de
enige hartslag van Eindhoven waren. Hij spreekt niet in hippe
managementtaal of vage beleidstermen. Dré spreekt de taal van de
straat, van de Eindhovenaar die zich afvraagt of er nog wel een
betaalbare woning te vinden is in zijn ‘lichtstad’, iedereen een dak
boven zijn hoofd heeft vannacht en of de boodschappen betaald kunnen worden.
Voorzitter,” begint hij vaak, met die onmiskenbare Brabantse
cadans, “we kunnen wel praten over visies voor 2030 en 2050 en
vergroening en verdichting van de stad, maar wat doen we morgen
voor de mensen die niet meekunnen in de tweedeling van de stad?”
Met zijn dossierkennis weet hij vaak nog precies waarom een
besluit in b.v.1998 werd genomen en waarom dat toen wel (of juist
niet) werkte. Voor zijn relativeringsvermogen heb ik respect. Waar
jonge politici soms in paniek raken over een felle tweet, glimlacht


Dré. Hij weet dat de soep zelden zo heet wordt gegeten als zij
wordt opgediend. Maar vooral zoekt hij de verbinding tussen het
Eindhoven van vroeger en de hightech-metropool van nu.
De vergadering loopt uit. Het is bijna middernacht wanneer de
hamer eindelijk valt. Terwijl de jongere garde haastig hun tassen
pakt, loopt Dré rustig naar de uitgang. Hij maakt nog een grapje
met de bode en wisselt een vriendelijk woord met een politieke
tegenstander. Want dat is misschien wel zijn grootste les: je kunt
het hartgrondig oneens zijn over de koers, maar je blijft samen
verantwoordelijk voor de stad.
Buiten glinsteren de lichten van Eindhoven. Dré kijkt nog even
om naar het stadhuis. Hij is de oudste, ja, maar zolang er nog een
stoeptegel scheef ligt of een burger niet gehoord wordt, is hij nog
lang niet klaar ondanks zijn afscheid als nestor van de
Eindhovense raad.
Ja Dre, dit was het, ik heb je leren kennen als een empatisch en
inspirerend persoon met een enorme wilskracht. Jouw kracht gaf
mij energie en daar wil ik je voor bedanken!
Bij bedanken hoort een cadeau en ik geef je hierbij een drankje
wat ik vaak voor je gehaald heb.
Het ga jou en Jannie goed en ik wens je namens Anny en mij nog
veel gezonde jaren.
Frans Noldus
Eindhoven 4 april 2026.


